Engel IB144 Bedienungsanleitung Seite 186

  • Herunterladen
  • Zu meinen Handbüchern hinzufügen
  • Drucken
  • Seite
    / 440
  • Inhaltsverzeichnis
  • LESEZEICHEN
  • Bewertet. / 5. Basierend auf Kundenbewertungen
Seitenansicht 185
138
inhoud der
middeleeuwsche romans
, reeds vroeg den zin van
avontuurlijk
aangenomen. Zoo besluiten wij met de beteekenis van den term in het dagelijksch
leven, gelijk wij daarmede begonnen en daarvan uitgegaan zijn.
Z.
V.D.B.
Onderwerps- of gezegdezinnen.
In eene der laatste afleveringen van
Noord en Zuid
(5
e
afl. jaarg. 1891) wordt door
den heer DEN HERTOG betoogd, dat in samengestelde zinnen als de volgende:
De
afspraak was
,
dat wij om vier uur zouden vertrekken. Mijn oordeel was
,
dat het boek
niet veel te beteekenen had. De vraag was
,
of hij de betrekking aannemen zou
,
wie
hem zou moeten opvolgen
, enz. de bijzinnen den dienst doen van onderwerp
en derhalve de deelen
de afspraak
,
mijn oordeel
,
de vraag
dien van
naamwoordelijk deel van 't gezegde.
‘Deze bewering’ zegt de schrijver ‘berust op het beginsel, dat het naamw. deel
van het gezegde steeds een ruimer begrip aanwijst, dan door het onderwerp
aangegeven wordt.
Dat wij om vier uur vertrekken zouden
, is één bepaalde afspraak;
ook een vroeger of later uur kon
de afspraak zijn
. De tweede zin vermeldt één
bepaald oordeel als
mijn oordeel;
ook andere oordeelvellingen konden als zoodanig
in aanmerking komen. En in den laatsten zin worden de vragen: Zal hij de betrekking
aannemen (en) wie zal hem moeten opvolgen als de vragen genoemd, die
de vraag
zijn
, d.w.z. waarvan de beantwoording de belangstelling wekt.’
Gaarne voldoe ik aan de uitnoodiging, door den heer DEN HERTOG in eene noot
gedaan, om over de bovenstaande meening, welke in strijd is met § 56 uit mijne
Ned. Spraakkunst
, met hem van gedachten te wisselen. Ik heb steeds in dergelijke
zinnen den bijzin beschouwd als een deel van het gezegde en ook na de
uiteenzetting, hierboven aangehaald, is het mij niet mogelijk, daarin iets anders te
zien.
Is het waar, dat het naamwoordelijk deel van 't gezegde steeds een ruimer begrip
aanwijst dan het onderwerp? Deze vraag wil ik allereerst beantwoorden. Natuurlijk
kan dit alleen het geval zijn, wanneer dat deel van 't gezegde eene
zelfstandigheid beteekent. Zegt men
Jan is ziek
of
Willem is soldaat
, dan
doen de woorden
ziek
en
soldaat
aan een' toestand of eene betrekking denken en
dus aan een begrip van ge-
Taal en Letteren. Jaargang 2
Seitenansicht 185
1 2 ... 181 182 183 184 185 186 187 188 189 190 191 ... 439 440

Kommentare zu diesen Handbüchern

Keine Kommentare